|
terug
naar inhoudslijst
Queridos
Jugo de Árbol
De afgelopen 2 weken zijn bijna geheel in Quito doorgebracht. Ik huur
nu een appartement bij een andere familie in een oostelijk puntje van
de stad tegen een van de begrensende bergen. De familie bestaat uit mi
padre Jorge y mis hermanos Jorge y Gabriele. Weer een kamer met grandioos
uitzicht. Slecht weer komt als volgt: grote pakken donkere wolken kruipen
over de top en glijden vervolgens rustig naar beneden. Deze hele stad
is bij me naar binnen geslopen. Letterlijk omdat de zware vervuiling en
de zwart neerdalende uitlaatgassen iedere vezel omhullen. Figuurlijk omdat
ik van de rest ben gaan houden. Dat alle mannen hier continu op de straat
spugen wordt niet als onbeleefd ervaren. Dat de hond van de familie, negro,
gisteren mijn tapijt beürineerde waarschijnlijk wel. Mijn eigen fout
deze week was dat ik na vier weken een verstandig advies negeerde. Hier
maakt men van alle vruchtensap, maar voornamelijk wordt jugo de tomate
(de árbol) gedronken. Ik verslind het met liters en het is mijn nieuwe
verslaving. Maar drink het nooit buiten de deur, want ieder restaurant
gebruikt kraanwater. Terwijl ik om een cola vroeg, werd me toch boomtomatensap
geserveerd. Ik kon me niet beheersen, knipperde met mijn ogen en zag een
leeg glas. Dat momenteel mijn lievelingsvertrek de wc is, zal ieder wel
begrijpen. Vanaf nu is mijn vaste routine op zaterdag voetballen met ecuadorianen
en op zondag basketballen met Colombianen. Door de laatsten begint het
steeds meer aan me te knagen een reisje naar het noorden te maken.
Religioso
Twee dingen zijn hier heilig, voetbal en Maria. Frapant is dat de spanjaarden
het geloof brachten, maar de indianen de gehoorzaamste katholieken zijn.
Mijn interesse ligt meer bij de eerste verafgoding, dus kocht ik een shirt
van El Tín Delgado en wurmde me drie uur van tevoren naar de zwaar
beladen wedstrijd Ecuador-Peru. Hoe gevuld, geel en lawaaivol een stadion
kan zijn, zal zelfs de niet-voetbal liefhebber warm krijgen. Pet af, hand
op het hart, blik naar de vlag, 2 tranen en dan het volkslied zingen.
De oorlog van 20 jaar geleden wordt herhaald en er zullen maar weinig
wedstrijden zonder goals met zoveel emotie zijn gespeeld. De andere religie
is vooral zichtbaar in het oudste deel van Quito. Het is koloniaal Quito,
zoals conquistadores het herbouwd hebben, nadat de Inka-generaal Rumiñahui
het in 1534 had laten platbranden. Dit gedeelte is voor de liefhebbers
van musea, koloniale architectuur en kleine dampende marktkraampjes. In
het midden! ligt de Plaza de la Independencia waar zich het Palacio del
Gobierno (presidentieel paleis) bevindt. Een laag wit gebouw met aan de
overkant een kathedraal. Dit kwam op 6 augustus 1875 goed van pas, toen
president Garcia Moreno voor het paleis werd neergeschoten en al stervende
naar de overkant werd gedragen. Uit gewoonte wandel ik alle kerken, kathedralen
en basilieken binnen, maar het binnentreden van de "Monestrario del San
Fransisco" is voor iedereen een aanrader. In dit grootste sierrijke koloniale
bouwwerk bevinden zich talrijke kapelletjes met voor iedere wens een andere
heilige.
Mundo de diferencia
De Spaande lessen zijn afgelopen. In het weekend geeft mijn hermana ecuatoriana
me nog extra lessen en zelfs huiswerk. Ze wil een school beginnen, die
ik in nederland moet gaan promoten. De andere dagen bekommer ik me om
60 kinderen van 5 tot 12 jaar in een tehuis. De meesten zijn geen wees,
maar hebben geweldadige en verslaafde ouders. Bij gebrek aan mensen verloopt
iedere dag anders. De ene dag leer ik ze rekenen en help ze met hun huiswerk.
De ander dag is het tuinieren, schilderen en ontluizen. Maar mijn grootste
en lievelingsbezigheid is spelen. Dit is voetballen of er wordt in me
geklommen. De andere buitenlanders, drie in totaal, zijn missionaris.
Allen vroegen me, alvorens naar mijn naam te vragen of ik christen was.
De derde keer hield ik het niet meer en zei dat ik atheist was, maar daar
al jaren niks meer aan deed. Hoewel veel dingen anders zijn dan ze op
het eerste gezicht lijken, verliep de eerste dag als volgt. Terwijl ik
rekenen uitlegde, leerden zij de kinderen liederen, waarin het woord halleluha
niet wordt geschuwd. Terwijl ik met een ecuadoriaan de afwas deed (2 1/2
uur), maakten zij een reusachtige tekening van de kerststal voor op de
kamer van de kinderen. Iedere dag deze plek verlaten, is het moeilijkst.
Een groepje hangt aan je been, arm of schouder en zeggen: "Tío
no vaya" (oom, ga niet weg). Naast deze wereld heb ik ook een ander mogen
aandoen, welteverstaan de tegengestelde. In mijn beregende traveller outfit
was ik op een feestje uitgenodigd waar vervolgens de hele familie netjes
in pak zat. Ik had me meer voorgesteld van een ecuadoriaans afstudeerfeestje
en teleurgesteld droop ik af na eerst al 1 1/2 uur te laat te zijn binnengekomen.
In dit zelfde outfit bezocht ik een week later een "funciona de tango".
Sfeervol zittend tussen een snobistische publiek werd eerst uitgelegd
wat de tango precies inhield. Moraal: De tango is het leven. Hierna volgden
demonstraties, waarvan sommigen me niet geheel onaangeroerd lieten. Een
paar dagen later was ik uitgenodigd op een universiteit in het plaatsje
Cumbaya. Dit soort plaatsen heb ik in Nederland nog niet gezien. Iedereen
met teveel geld woont hier. Op de universiteit met voor de helft Amerikanen
is alles perfect. In de campus eromheen ontbreekt niks en iedere student
heeft zijn eigen Jaguar. In een gebouw in Japanse stijl omgeven door een
waterval en oosterse bomen moest een Thai-tsi les plaatsvinden van een
leraar die volgens de legende 8 talen spreekt, waarvan één
sanskriet. Deze kwam niet opdagen en er volgde een literatuurklasje. Hiervan
begreep ik alleen het thema van het boek, aangezien dat altijd hetzelfde
is....
un abrazo Sebitas
terug naar inhoudslijst |